blessure fysiotherapie voor het hardlopen en wielrennen

Het verhelpen van een lopersknie: behandeling, herstel en symptomen

8 april 2019

Bij een lopersknie ondervindt een sporter een scherpe en branderige pijn aan de buitenzijde van het dijbeen ter hoogte van de knie. De klachten ervaart men vooral tijdens het herhaaldelijk buigen en strekken van de knie. De pijn neemt tijdens het sporten geleidelijk toe en verdwijnt wanneer hiermee gestopt wordt. Hoelang duurt het herstel, waar bestaat de behandeling uit en welke symptomen tref je aan?

Komt deze blessure alleen bij hardlopers voor?

De lopersknie (medische term; iliotibiaal bandsyndroom) is een niet te onderschatte blessure. Bij hardlopers is naar schatting 17% van alle overbelastingsblessures een lopersknie. De benaming 'lopersknie' doet voorkomen alsof uitsluitend hardlopers deze klachten kunnen ontwikkelen, maar de praktijk wijst uit dat diezelfde klachten ook in andere takken van sport voorkomen. Het iliotibiaal bandsyndroom is een betere en meer generieke term voor deze blessure en sluit andere takken van sport waar deze ongemakken in voorkomen niet uit.

Wat is de oorzaak van de pijn?

De klachten die je bij lopersknie ervaart vinden met name plaats kort na de landing, in de standfase van de loopcyclus. Dit is het moment waarop de iliotibiale band (lange peesplaat die vanuit het bekken naar je scheenbeen loopt) het meest op spanning komt en er lokale drukverhoging rondom de buitenzijde van de knie plaatsvindt. Deze (pijnlijke) zone bevindt zich tussen de 20 á 30 graden kniebuiging.

 

Voorheen noemde men deze blessure ook wel het tractus iliotibialis frictiesyndroom, omdat de oorzaak werd gezocht in de frictie (wrijving) tussen de peesplaat van het dijbeen en het bot aan de buitenzijde van de knie. Deze illusie werd gewekt doordat de pijn tijdens het buigen en/of strekken van de knie herhaaldelijk op hetzelfde moment ontstond en men het gevoel had dat de pees in voorwaartse en achterwaartse richting langs en over het kniebot schuurde.

 

Onderzoek toont echter aan dat de pijnlijke symptomen niet veroorzaakt worden door de wrijving tussen het kniebot en de peesplaat. Volgens de nieuwe inzichten is er tussen deze twee structuren helemaal geen sprake van enige wrijving en komen ze niet eens met elkaar in contact. De klachten die je bij een lopersknie voelt is meestal toe te schrijven aan een pijnlijke slijmbeurs (gelegen tussen de peesplaat en het botweefsel), verklevingen van de fascie, cyste of triggerpoints als gevolg van overbelasting.

Wat zijn de risicofactoren van een lopersknie?

Er zijn verschillende factoren die een rol spelen in de ontstaanswijze van een lopersknie. Evenals bij de meeste sportblessures is het meestal een combinatie van factoren die uiteindelijk tot een blessure leidt. Hoewel de iliotibiale band strakker staat bij ongemakken of overbelasting, is deze spanning niet de hoofdoorzaak, maar meer het gevolg van onderliggende problematiek. Die moet bijvoorbeeld gezocht worden in de omringende spieren. Onderstaand tref je een uiteenzetting van de risicofactoren.

 

  • Spierkrachtverlies van de bilspieren, en met name de heupabductoren
  • Disbalans in spierkracht tussen de quadriceps en de hamstrings
  • Bewegingsbeperkingen in de heup of rug
  • Overpronatie van de voet
  • Gebrekkige looptechniek
  • O-benen
  • Beenlengteverschil
  • Instabiliteit van de knie
  • Eenzijdige belasting
  • Stugge holle voet

Behandeling en herstel

Wanneer de klachten eenmaal aanwezig zijn zal je in je sport tijdelijk moeten minderen. Dit kun je doen door je trainingsschema te evalueren en door minder intensief of frequent te gaan sporten. Het is raadzaam om vooral het sporten in heuvelachtig gebied te mijden. Vooral het heuvel af lopen kan de klachten namelijk verergeren. Als wielrenner zal je de hoogte van het zadel in het vizier moeten houden. Een te lage zitting zorgt voor een toename aan spanning in de tractus iliotibialis. Om in conditie te blijven is het aan te bevelen om tijdelijk een andere sport te beoefenen zoals bijvoorbeeld zwemmen.

 

Oefeningen

Aangezien de klachten vaak samenhangen met spierzwakte kan het nuttig zijn om op termijn een start te maken met spierversterkende oefeningen. Begin hier pas mee zodra je deze pijnloos kunt uitvoeren. Vooral de middelste en de kleine bilspier (gluteus medius en minimus) laten bij een lopersknie een krachtafname zien. Vrouwen zijn het meest vatbaar voor deze risicofactor. Uit resultaten van een omvangrijk onderzoek werd bij hen een grotere heupinstabiliteit aangetroffen als gevolg van spierzwakte van de bilspieren. Hierdoor ontstaat er een binnenwaartse knierotatie waardoor de spanning rondom de knie toeneemt.

 

Massage en rekoefeningen

Een massage van de tractus iliotibialis en rekoefeningen vermindert de spanning op de peesplaat. Rekoefeningen hebben bij een lopersknie vooral effect bij fasciale verklevingen. Wanneer je als doel hebt om de spanning van de tractus iliotibialis te verminderen door middel van stretchen, dan is het maar de vraag of dit daadwerkelijk effectief is, aangezien de blessure niet het gevolg is van een frictiemoment. Bovendien is er in de literatuur weinig bewijs voor rekoefeningen van de tractus iliotibialis.

 

Bewegingsbeperking

Bij aanwezigheid van bewegingsbeperkingen in de heup en/of de rug is het verstandig om bijvoorbeeld contact met een fysiotherapeut op te nemen. Ze zijn gespecialiseerd in het verhelpen van klachten aan het bewegingsapparaat. Mochten de klachten met conservatieve therapie (rekoefeningen, krachttraining, massage en het verbeteren van je looptechniek) niet afnemen dan kun je altijd nog overwegen om je verder te laten onderzoeken op verdenking van een slijmbeursontsteking. De behandeling bestaat dan uit een injectie met corticosteroïden.

Bronvermelding:

 

J Orthop Sports Phys Ther. 2010 Feb;40(2):52-8.
Competitive female runners with a history of iliotibial band syndrome demonstrate atypical hip and knee kinematics.

 

Clin J Sport Med. 2006 May;16(3):261-8.
Practical management of iliotibial band friction syndrome in runners.

 

Sports Med. 2005;35(5):451-9.
Iliotibial band syndrome in runners: innovations in treatment.

 

J Sci Med Sport. 2007 Apr;10(2):74-6; discussion 77-8. Epub 2006 Sep 22.
Is iliotibial band syndrome really a friction syndrome?

 

Gait Posture. 2007 Sep;26(3):407-13. Epub 2006 Nov 28.
Lower extremity mechanics of iliotibial band syndrome during an exhaustive run.

 

Man Ther. 2007 Aug;12(3):200-8. Epub 2007 Jan 8.
Iliotibial band friction syndrome--a systematic review.

 

hysiother Can. 2008 Spring;60(2):180-8. Epub 2008 Oct 10.
Effects of Multi-modal Physiotherapy, Including Hip Abductor Strengthening, in Patients with Iliotibial Band Friction Syndrome.

 

J Appl Biomech. 2008 Aug;24(3):262-70.
Continuous relative phase variability during an exhaustive run in runners with a history of iliotibial band syndrome.

 

GERELATEERDE BERICHTEN